• Start
  • Organisatie
  • Geschiedenis

Geschiedenis

Oranje_Cadets_1983Oranje Cadets uit Huizen deden in 1983 voor het eerst mee aan de Nederlandse Winter Guard competitie en werd met een score van 36,5 zevende en laatste in de Cadets Class.

"Niemand kon vermoeden dat de laatste plaats uit de Cadet Class van dat jaar later het CGN titelkanon genaamd 'The Pride' zou worden.", schreef Color Guard Nederland in 2007.

"Drumcorps Oranje was toen al een gezellige club, en dat is het heden ten dage nog steeds. Met een aantal leden van toen, tussen 1963 en 1982, hebben we vlak voor de opening van de nieuwe hal gesprekjes gevoerd. We waren nieuwsgierig hoe het er vroeger aan toe ging, toen er zelfs helemaal geen clubhuis was en ook hoe het was toen het huidige clubhuis er uiteindelijk was. Sommigen zijn nog steeds lid en anderen zijn weer één van de ouders. Het kan verkeren...."

Ruud Piëst is het oudste lid van de Drumcorps Oranje, en bij de oprichting in 1963 sloeg hij op de trommel. Toentertijd werd ook op verschillende locaties in Huizen gerepeteerd, en toen al leefden de leden van Oranje een zwerversbestaan. In de tijd van het ontstaan van Oranje waren de ouders ook al erg betrokken bij het gebeuren. Door de hervormde Jeugd-raad werd de eerste aanzet gedaan om het Christelijke Trompettercorps op te richten. Van de Jeugd-raad kwam een eerste donatie om instrumentarium en uniformen aan te schaffen. Maar dat was bij lange na niet genoeg. Er zijn heel wat kranten ingezameld door Vader Piëst, samen met de heer Vreeswijk. Er werd heel hard gerepeteerd in 't Visnet. Later kwamen ze terecht in de Nieuwe Kerk en de Zenderkerk. Ook werd er druk getrommeld op houten plankjes met massief rubberen ring in de Rehobotschool. Het mars lopen werd geoefend op het plein van de Zenderschool en het SV Huizen terrein, ook wel de Wolfskamer genoemd. Als actief lid, eerst met de trommel aan de rechterkant en later op zijn Amerikaans, recht op de buik, is Ruud gebleven tot 1981. Daarna was hij een poos 'slapend lid' en in 2003 werd Ruud benoemd tot ere-lid.

Precies 15 jaar geleden werd het huidige gebouw neergezet. Er is heel wat gerepeteerd in het gebouw en het mars lopen werd buiten geoefend. De gezelligheid bleef trekken en hij ging wat meer doen. Al was het maar om zijn dochters Daniëlle, Bianca en Monique naar het vlaggen te brengen. De verwachting is dat zijn kleindochter van nog geen jaar oud, ooit in de voetsporen van haar moeder en tantes zal treden. En zo zie je maar waar dit allemaal toe kan leiden. Want sloeg Ruud in de beginjaren 70 driftig op de trommel, de afgelopen maanden heeft hij heel wat spijkers met koppen geslagen in de nieuwe hal. Door de jaren bleef hij trouw als decorbouwer en vloerploeglid een actief medewerker van The Pride. En tussen de bedrijven door draait ook nog een bardienst, want nieuwe hal of niet, het gewone leven van de club draait gewoon door. Hiermee blijft de gezelligheid van 'de club' gewaarborgd, want een lekkere kop koffie staat altijd klaar!

We spraken ook met Gerhard Ockhuijsen, Anita Kriek en de zusjes Honing. "Wist u dat 'de club' al in 1963/64 is opgericht?" Van Christelijk Trompettercorps werd het Drumband Oranje en ook Jong Oranje was er een onderdeel van. Vanaf 1974 kwam daar het majorettekorps bij, dat later uitgroeide naar de winterguard afdeling.

Vroeger werd winterguard, net als nu bij andere clubs, de zomerguard (majorettes) altijd gecombineerd met het drumcorps. De eerste vlaggen waren heel zwaar omdat ze van katoen werden gemaakt en ook het trainen ging heel anders. Zo moesten de leden woensdag- en vrijdagavond trainen en dan ook nog eens zaterdag de hele dag buiten (in weer en wind, jawel!). Maar gelukkig stond mevrouw Bakker, de moeder van Stephanie, ook één van de majorettes, altijd klaar met een warm bakkie koffie of zelfs met grote pannen soep.

Gerhard is begonnen met trompet, want dat had moeders liever dan trommels. Later heeft hij toch zijn eigen zin doorgedreven en heeft hij de trommel gepakt. Hij heeft vanaf 1980 echt in de band meegespeeld, nadat hij eerst twee jaar het vaandel had gedragen. Voordat de naam in Drumcorps Oranje veranderde, heette het eerst Showband Oranje, en behoorde toen tot één van de grotere van Nederland (ca. 128 man). Ondanks een fusie met Odilo uit Hilversum, bleek het erg moeilijk jonge nieuwe leden te vinden, zodat in 1987 het corps werd opgeheven. Wat de guards betreft; die zijn in 1988 van naam veranderd: The Pride.

Anita, die meeliep in de Showband-periode als majorette, was in het begin zeer bang voor die grote trommels en barstte natuurlijk van de zenuwen. Toch vond ze het prachtig om mee te doen en de aandacht van het publiek te krijgen. Het leuke van dit alles is dat het erfelijk is. De driejarige dochter van Gerhard staat al driftig met een vlag te zwaaien en de dochter van Anita, Dominique, is ook al jaren een enthousiast lid. Dat Dominique een doorzetter is, blijkt uit het feit dat zij eigenlijk wel een 'grote' pré-cadet was, omdat zij er pas op latere leeftijd bij gekomen is. Desondanks heeft zij zich niet uit het veld laten slaan en heeft een fijne plek bij de Open Class. Als we een vergelijking gaan maken met vroeger en nu, zijn beiden het er toch over eens dat het nu een stuk gezelliger is. Dat komt met name door de komst van het eigen clubgebouw, waardoor er gemakkelijker en meer activiteiten buiten de trainingen plaatsvinden en ook doordat de leden gezellig met zijn allen in de bus naar de contesten gaan.

Sylvia en Jolanda brengen iedere vrijdag hun dochters trouw naar 'HET vlaggen'. Ook de zusjes zijn vroeger majorette geweest. De één wat langer dan de ander, maar ook uit dit verhaal blijkt wel dat de sfeer van toen even goed was als nu. Het geeft hen het gevoel 'weer terug' te zijn. Het leuke van majorette zijn was dat er heel veel jongens liepen bij het Drumcorps. In de winter werd er gerepeteerd in de kelder van de Zenderkerk. In die tijd werd er al meegedaan aan wedstrijden door het hele land. En met twee, drie bussen ging Oranje op stap. Toen waren de meiden en de jongens, net als tegenwoordig, hartstikke zenuwachtig. Kippenvel op je armen en benen, en je maag in een knoop. Maar je ging er voor, want het was prachtig al die belangstelling van het publiek te krijgen. Samen zijn we nog even op zoek gegaan naar kleding van vroeger. Er is van ieder jaar nog wel wat showkleding bewaard gebleven. De blauwe jurk van Jolanda hing er nog tussen, en haar jongste dochter kon het nog aan met hoed en twirlstokje erbij. Dat de nieuwe hal er gekomen is vinden ze een vooruitgang. Het stimuleert de saamhorigheid van de vier groepen: want er kan nu getraind worden op 1 dag. En het is natuurlijk heerlijk dat je op zaterdag niet meer ver weg hoeft om de kinderen naar andere trainingsruimtes te brengen.

Vanzelfsprekend gaan ze er vanuit dat de gezellige sfeer HET kenmerk van de club blijft, niet alleen voor de leden zelf, maar ook voor hun ouders. We zijn dus met zijn allen apetrots dat we dit als club voor elkaar gekregen hebben gekregen. En komt er met de aanwezigheid van de nieuwe hal een eind aan het nomadenbestaan van The Pride.

Afdrukken E-mail